O God, U hoorde mijn roepen.
Mijn noodkreet steeg op tot U
en U wendde Uw oor naar mij.
Toen ik riep uit de diepte,
heeft U mij gehoord
en mij gered.
Angst had mij omsingeld,
wanhoop sloot mij in,
en de druk van mensen en instanties
drukte zwaar op mijn schouders.
De wanhoop steeg als water om mij heen.
Het kolkte om mij heen
en ik dacht dat ik zou verdrinken.
Maar U, Vader,
reikte naar mij uit
en trok mij terug uit de diepte.
U redde mij van de dood.
U hoorde mijn roepen
en bracht mij naar een plaats van rust.
U gaf mij ruimte om weer adem te halen.
Ja, U gaf mij veiligheid
onder de schaduw van Uw vleugels.
Ik was gebroken,
een hoopje mens,
moe en verslagen.
Maar U raapte mij op
en richtte mij weer op.
Dank U, Jezus.
U heeft mijn ketenen verbroken.
U trok mij uit het donker
en uit de zwaarte
waarin ik gevangen zat.
Ik was U uit het oog verloren,
maar U verloor mij nooit.
U ging mij zoeken.
Want U laat de negenennegentig schapen achter
om dat ene verloren schaap te vinden.
En dat ene schaap
was ik.
U vond mij
en droeg mij terug.
Halleluja.
Dank U, Vader.
Aan U komt alle eer.
Reactie plaatsen
Reacties