Nessa Skye, een storm in mijn lijf
Er woont storm in mijn lijf,
een wind die nooit gaat liggen.
Spieren die wachten op gevaar,
gevaar dat allang voorbij had moeten zijn…
Mijn dagen zijn als bruggen,
van adem tot adem,
van ochtend naar adem.
Telkens weer proberen die woeste rivier over te steken,
terwijl mijn voeten de grip
blijven verliezen op de gladde stenen.
Het water blijft mijn voeten overspoelen.
Ze zeggen
“Hou nog even vol…”
Maar ze weten niet hoe lang “even” voelt
voor een hart dat al jaren rent…
Ik leerde te overleven,
waar continue alert zijn mij veilig hield,
met mijn spanning als kompas.
En net op het moment dat mijn voeten
de overkant bijna hebben bereikt,
en de dag bijna voorbij ijs,
glij ik uit over de allerlaatste steen.
En toen moest ik om hulp vragen.
Toegeven dat hoe ik ook probeerde,
het slechter met mij ging dan ik kon zeggen.
Ik vroeg om hulp
en kreeg een deur.
Dit keer is het niet de rivier
die mij overspoelt, maar opnieuw
de storm die in mij woont.
Angst.
Want wie ben ik?
Als mijn lijf niet meer hoeft te vechten?
Wie komt er tevoorschijn als de storm
mij zachtjes loslaat?
En toch…
Is er ergens onder alle spanning
en pijn, een klein koppig stukje
leven, wat benieuwd is naar wie we zijn.
Ze staat ’s ochtens op.
Smeert boterhammen met hagelslag.
Veegt haar tranen weg als ze “mama?” Hoort.
En draagt haar kinderen, want lefde moet
sterker zijn dan uitputting.
Men noemt dit kracht, ik noem het “zijn”.
Zijn. Met de angst voor wat was en wat nog komt.
Zijn. Zonder te weten of ik nog ben,
na alles wat was.
Reactie plaatsen
Reacties