Van boosheid naar balans: het verhaal van Lars

Gepubliceerd op 15 maart 2026 om 10:00

“Geef de moed nooit op.”

Dat is de boodschap die Lars (31) vandaag wil meegeven. Zijn leven kende jaren vol boosheid, onbegrip en moeilijke omstandigheden. Maar juist door die ervaringen leerde hij zichzelf beter kennen. Vandaag vertelt hij open over zijn verleden, het kantelpunt in zijn leven en hoe hij leerde zijn boosheid om te zetten in iets positiefs.

Een open en gevoelige man

Lars is 31 jaar en woont tegenwoordig in Arnhem. Daar heeft hij een relatief rustig leven opgebouwd. Vier jaar lang werkt hij al als vrijwilliger bij een kringloopwinkel. Dat werk betekent veel voor hem.

“Het voelt goed om ondanks een uitkering toch iets bij te dragen aan de maatschappij,” vertelt hij. “En ik vind het belangrijk dat spullen niet zomaar worden weggegooid. Dingen die nog werken kunnen weer gebruikt worden door mensen met een kleiner budget, of door mensen die gewoon niet te veel geld willen uitgeven.”

Als hij zichzelf moet omschrijven, kiest hij voor woorden als gevoelig, meelevend en open. “Ik praat meestal wel over dingen die me dwarszitten,” zegt hij. “Al hangt dat natuurlijk ook af van de persoon en de situatie.”

Vroeger was dat anders. “Toen was ik impulsiever. Onrustig ook. Ik wilde grenzen opzoeken en kijken hoe ver ik kon gaan.”

In zijn vrije tijd zoekt Lars vaak afleiding in hobby’s. Hij gamed graag vooral first person shooters zoals Call of Duty, War Thunder en Battlefield. Daarnaast maakt hij muziek op de computer. Zijn stijl varieert van house tot synthwave, trance en drum & bass. Onder de naam L4R5 staat zijn muziek ook op platforms zoals Spotify en Apple Music.

Maar Lars denkt ook veel na over de wereld om hem heen. Oorlogen en onrecht raken hem diep.

“Ik kan slecht tegen onrecht,” zegt hij. “Soms lijkt het alsof de menselijkheid een beetje verdwenen is. Hoe ouder je wordt, hoe meer je dat ziet.”

Ook de manier waarop sommige mannen met vrouwen omgaan, vindt hij moeilijk om te zien. “Dat is toch nergens voor nodig? Als man wil je niet dat mensen denken dat jij ook zo bent. Er zijn gelukkig ook veel goede mannen, maar die worden niet altijd gezien.”

Op jonge leeftijd uit huis

Toen Lars elf jaar was, veranderde zijn leven ingrijpend. Hij werd uit huis geplaatst en opgenomen in een kinderpsychiatrische instelling. Daar zat hij op een besloten afdeling van het UMC. Je kon er wel naar buiten, maar alleen binnen het terrein en vaak onder begeleiding. In de weekenden ging hij soms naar zijn ouders. Die momenten waren moeilijk. Iedere zondag moest hij weer terug naar de groep.

“Dat was elke keer een strijd,” herinnert Lars zich. “Ik wilde gewoon thuisblijven bij mijn ouders.”

Zijn vader probeerde hem destijds moed te geven.
“Hij zei: ‘Nu is het moeilijk, maar later ga je misschien zeggen dat je blij bent dat we deze keuze hebben gemaakt.’”

De reden voor de opname was een diagnose die toen MCDD en PDD-NOS werd genoemd tegenwoordig valt dat onder het autismespectrum. Zijn ouders wilden beter leren begrijpen hoe ze met hem konden omgaan. Daarom werd hij geobserveerd en kregen zijn ouders begeleiding.

Toch voelde het voor Lars vooral als een groot gemis.

“Je mist je ouders, je mist thuis. Dat gevoel bleef.”

Wanneer verdriet verandert in boosheid

Rond zijn dertiende begon boosheid een grotere rol te spelen in zijn leven. Hij woonde toen in een andere groep voor jongeren.

“Op zulke groepen zitten veel jongeren met hun eigen problemen,” zegt Lars. “Soms neem je gedrag van elkaar over.”

Daarnaast speelde zijn autisme ook een rol. Emoties reguleren was moeilijk.

Toch was zijn boosheid nooit gericht op zijn ouders. “Ik was vooral verdrietig dat ik niet gewoon thuis kon wonen.”

Dat verdriet veranderde vaak in frustratie richting zijn omgeving.

Een moeilijke periode in Oosterbeek

Toen Lars achttien werd, verhuisde hij naar een woonlocatie in Oosterbeek. Daar maakte hij een van de zwaarste periodes uit zijn jeugd mee.

De groepen bestonden uit verschillende niveaus van begeleiding. Lars begon op de C-groep, maar daar bleek de omgeving te druk voor hem. Geluiden en prikkels zorgden voor stress.

Hij verhuisde daarom naar een andere groep waar bewoners meer zelfstandigheid hadden.

Toch was het leven daar zwaar. Veel bewoners hadden te maken met psychoses of suïcidale gedachten. Lars kreeg daar ook een relatie met een meisje dat op de groep woonde.

Toen zij een zelfmoordpoging deed, raakte dat hem diep.

Later maakte zij het uit.

“Ze zei dat ze niet van me hield, maar alleen wilde dat ik gelukkig was. Dat was wel een klap.”

Een systeem van straffen

Op de groep werkte men met een strikt strafsysteem. Bewoners kregen waarschuwingen, time-outs en in extreme situaties een separeerruimte.

Voor Lars voelde het vaak alsof er vooral werd gekeken naar wat hij verkeerd deed.

“Er werd veel gezegd wat niet mocht,” vertelt hij. “Maar minder gekeken naar waarom iets gebeurde of hoe je het anders kon doen.”

Wanneer hij boos werd, uitte dat zich in schelden, deuren slaan of spullen gooien.

“In zo’n moment zit je zo hoog in je emoties dat je niet meer nadenkt. Pas later komt het besef.”

Het verlies van zijn opa

Een van de meest ingrijpende momenten in zijn leven was het overlijden van zijn opa. Die betekende enorm veel voor hem.

“Hij was eigenlijk een tweede vader.”

Zijn opa had longkanker en koos voor euthanasie. Lars kon er niet bij zijn toen hij overleed. Wel sprak hij hem nog kort aan de telefoon.

Zijn vader hield de telefoon vast, omdat zijn opa bijna niet meer kon praten.

“Mijn vader zei dat opa trots op me was en dat hij van bovenaf zou blijven kijken hoe ik het deed.”

Kort daarna overleed hij.

Voor Lars was het een enorme klap. Het verdriet maakte hem nog prikkelbaarder.

Gezien worden

Het echte verschil kwam pas later, toen Lars naar Oss verhuisde.

De omgeving daar was rustiger en de begeleiding keek anders naar hem.

“Ze zagen mij echt,” zegt hij. “Niet alleen mijn problemen.”

Zijn talenten werden aangemoedigd. Lars kreeg kansen om fotografie te doen en muziek te verzorgen bij activiteiten.

“Voor het eerst voelde ik dat mijn goede kanten werden gezien.”

Na elf maanden hard werken aan zichzelf mocht hij zelfstandig wonen met ambulante begeleiding. Hij was toen twintig jaar.

Sindsdien is zijn agressie nauwelijks nog zo geëscaleerd.

Hoe hij nu met boosheid omgaat

Boosheid hoort nog steeds bij het leven, zegt Lars eerlijk.

“Maar ik ga er anders mee om.”

Hij zoekt bewust afleiding wanneer hij merkt dat emoties oplopen. Muziek maken, gamen, fietsen of gewoon even naar buiten gaan helpen hem om tot rust te komen.

Een belangrijke tip die hij zelf leerde:

“Blijf niet te lang in dezelfde situatie hangen. Als het thuis niet goed voelt, ga even naar buiten. Een andere omgeving helpt vaak al.”

Een rustiger leven

Vandaag de dag is Lars nog steeds dezelfde persoon, zegt hij zelf, maar rustiger.

Hij heeft geleerd dat tijd voor jezelf essentieel is.

“Je moet jezelf soms op nummer één zetten.”

Zijn ouders zien ook duidelijk verschil.

“Zij zijn altijd mijn grootste steun geweest.”

In Arnhem vond Lars een plek waar hij verder kon groeien. Hij viel twintig kilo af, kreeg een stabielere dagbesteding en leerde zijn ervaringen om te zetten in iets positiefs.

Vandaag de dag kijkt Lars terug op wat zijn vader in het begin zei tijdens de enorme verandering in zijn kindertijd. Lars verteld dat zijn vader daar toch gelijk in heeft gehad. Want de vroege uithuisplaatsing heeft een positieve impact gehad in zijn huidige leven nu. 

Waar hij het meest trots op is

Als hij terugkijkt, zijn er twee dingen waar Lars het meest trots op is:

  • dat hij zijn boosheid nu op een gezonde manier kan reguleren
  • dat hij slechte dagen kan accepteren

“Iedereen heeft wel eens een mindere dag,” zegt hij. “Maar morgen is er weer een nieuwe.”

Een boodschap voor anderen

Aan mensen die nog worstelen met boosheid wil Lars vooral één ding zeggen:

“Kijk niet alleen naar de boosheid zelf, maar naar waar die vandaan komt.”

Volgens hem zit er vaak een diepere oorzaak achter — bijvoorbeeld een gevoel van onrecht.

“De boosheid mag er zijn. Je hoeft er alleen niet naar te handelen.”

Hij moedigt mensen aan om manieren te vinden die voor hén werken. Creativiteit kan daarbij een belangrijke rol spelen.

“Hou je van gamen? Laat je boosheid daar los. Maak muziek, ga sporten, ga iets bouwen of maken.”

Het belangrijkste is volgens hem dat je je eigen proces volgt.

“Niet wat anderen denken, maar wat jij zelf voelt.”

En zijn laatste boodschap is duidelijk:

“Geef de moed nooit op.”

 

Nog leuk om te weten:

Lars maakt zijn eigen muziek. Zeker inspirerend en leuk om eens te beluisteren!

Youtube: https://www.youtube.com/channel/UCj2nA2Jv3nH3miHJ6R8dPPQ

Spotify: https://open.spotify.com/artist/6AvVI3FyczFrPhjo10qupW?si=J4v0N3fKQhaLbHRXPF92BA

Website: https://l4r5.nl/

Reactie plaatsen

Reacties

Mary Rademaker
2 maanden geleden

Wat een mooi verhaal heeft lars verteld. Ik werd er emotioneel van. Het is een heel bekend verhaal wat ik ben zijn moeder. Ook hoe hij zichzelf omschrijft met zijn emoties.
Top gedaan Myra en Lars